Showing posts with label fietsen. Show all posts
Showing posts with label fietsen. Show all posts

Wednesday, January 5, 2011

The unbearable lightness of cycling!

Fietsbroek, Polarborstband, sport-bh, zweetshirt, lange broek, shirt met lange mouw, jasje, windstoppertjes, sokken, Buff voor op hoofd, Buff voor om mijn nek, iPod in achtervakje, schoenen, overschoenen, helm op, bril, een sultana, reserve bandje, handschoenen aan, Polar pakken, naar de fiets lopen.....

Waaaaaat?! Het ding ligt nog uit elkaar na de vorige schoonmaak beurt. Fietskleren zijn heel warm als je binnen bent, ze zijn erop ontworpen om buiten, met rijwind warm te zijn. Dus niet binnen terwijl ik met enige irritatie mijn cassette op mijn achterwiel zet.

Het is fris, bewolkt en er staat een koude wind. Ik heb geen zin in de hele ringvaart, dus ik besluit hem tot Crucius te pakken en dan weer terug. Op die manier heb ik een duidelijk idee van wat me te wachten staat en heb ik toch een leuk stukje gereden. De bedoeling is om deze rit in een lage D1 te rijden en ik heb het gevoel lekkere benen te hebben. Op de iPod heb ik een gesproken boek, dat werkt voor mij tijdens rustige trainingen.

Bij de voordeur begint de buurvrouw tegen me te praten – je weet wel – de buurvrouw die altijd zo lang van stof is. Ik mompel wat en stap op mijn fiets, maar eigenlijk schaam ik me omdat ik haar afgepoeierd heb. Het is geen slechte vrouw, maar die verhalen over haar zoon boeien me gewoon niet altijd.

Op naar de ringvaart!

Bij Sloten kies ik ervoor om niet de brug over de ringvaart te nemen. Afgelopen weekend was deze zeer glad en ik wil niet plat op mijn poffertje, met een paar tanden in het asfalt eindigen. Wat blijkt? Mijn b route is nog veel erger... twintig meter klunen omdat er ijsplaten op de weg liggen. Resultaat? Een ijsbal onder mijn schoenplaatje en vlak voor de neus van een charmant ogende jongen lukt het me niet om in te klikken.
@%#$%^ @%$%^ nog an toe!

De ringvaart op... ik heb inderdaad goede benen, de wind lijkt me voor geen meter in de weg te zitten. De dorpjes trekken aan me voorbij en vlak na halfweg krijg ik de wind in de rug, met een lage hartslag trap ik een flinke vaart weg en voel me alsof ik vleugels heb. Wat is het toch lekker rijden op de weg na al die dwaze sneeuw stormen en cross dagen. Ik ben benieuwd hoe hard ik ga en check mijn Polar.... waaaat? Hij doet het niet? Ik stop, spuug op mijn vingers en rommel tussen alle lagen kleding door naar mijn borstband. Dat kan de enige oorzaak zijn, de borstband is niet nat en pikt dus mijn hartslag niet op. Dat krijg je met zo’n rustige training in de kou, ik zweet niet. Een paar auto’s rijden voorbij terwijl ik op mijn vingers spuug en met mijn hand mijn shirt in ga ten hoogte van mijn borsten. Ik hoop van harte dat ze niets vreemds ervan denken. Mijn Polar pikt niets op en van irritatie gaat mijn hartslag omhoog. Dan maar doorrijden op snelheid en cadans. Door op mijn ademhaling te letten kan ik wel gokken hoe ik ervoor sta met mijn hartslag.

Ineens voelt mijn training zwaar, alles wat tegen zat vandaag heeft zich in mijn hoofd genesteld en lijkt tegen me te schreeuwen: “Draai om! Draai om! Ga naar huis mijn kind! Je hoort niet te fietsen tijdens deze dagen van bar en boos!” Vlak voor Crucius heb ik het gehad en ik geef op, ik draai om. Met de staart tussen de benen en de kaken op elkaar geklemd rijd ik terug. “Wat een rotdag.” Mompel ik tegen mezelf.

Thuis gekomen krabbel ik de afstand en de snelheid in mijn trainings-logboekje en pak een zak chips en wat cola.

Het was gewoon zo’n soort dag.

“Ach,” vertel ik mezelf “de gemiddelde wielertoerist heeft sowieso zijn fiets niet aangeraakt en ik wel.”

Tuesday, December 14, 2010

Zen in de winter

Schaatsen... zweven over het ijs, rondje na rondje na rondje. Stil van binnen, concentratie. Het is wat kouder vandaag en het ijs is enorm glad. In het begin voelt het wat eng aan, maar langzaam aan wordt het duidelijk wat het voordeel van dit ijs is. Een lange slag en zweven maar, zweven over het ijs.

Net als met fietsen, voelt het vlak voordat ik ga schaatsen wat onrustig, een soort van aangename spanning. Ga ik het kunnen vandaag? Het is net alsof de ene helft van mijn zijn de andere helft ervan probeert te overtuigen niet te gaan, vooral niet te gaan, want het zou wel eens mis kunnen gaan. Die spanning - soms wat te groot, zoals die ene keer dat ik naar Sloten zou gaan en ik de hele ochtend op het toilet zat omdat de zenuwen op mijn darmen werkten – is eigenlijk best lekker. Lekker omdat het iets herkenbaars is, een soort van tegenwicht wat zo makkelijk te overwinnen is. En dan als ik de eerste meters heb afgelegd is er herkenning “Oooooh dit hebben we eerder gedaan,” lijken mijn spieren te roepen, “dit vinden we leuk!” gaat het gezamenlijk in koor. Maar dan, na zo’n twintig minuten begint mijn hoofd....

“Het is wel zwaar hè” of  “Goh, waarom doen we dit nu ookalweer?” Op zulke momenten is het zaak even door te gaan, want na een minuut of vijf is het voorbij en kan er weer een uur gesport worden.

Maar vandaag, zo op het ijs van de Jaap Eden kwam mijn hoofd met nieuwe teksten. Relatief goede argumenten, als ik eerlijk ben. Zo was er de “Het is natuurlijk gewoon rondjes rijden.” en de “Nou ja, hier draaien ze geen muziek, in Haarlem wel, wat hebben we hier eigenlijk te zoeken?” en uiteraard de “Wat nou als we vallen en we zo’n glijer over het ijs maken en met ons hoofd.... ja wat dan?”

Ik heb geleerd dat ,als ik door die momenten heen ga tijdens het sporten, mij een grote bonus staat te wachten als ik braaf doorsport. Na het fietsen is het, het bekende zware-benen-op-de-bank-gevoel en tijdens het fietsen is het, het lachen om een koe die me aankijkt, of het genieten van die machtige cadans. Schaatsen biedt mij iets anders, mijn altijd drukke hoofd, denkend aan stukjes, denkend aan creativiteit, een deadline of een spannende afspraak.... dat hoofd wordt stil. Ik voel mijn gezicht zachter worden, langzaam aan vormt er zich een glimlach. Het gladde ijs glijdt onder mij door.

Ik ben verkocht!

Lang leve de winter!

Hulde aan de Tacx, de Crosser en de Schaats.... ik ben er bij dit jaar!

Thursday, March 4, 2010

kopje koffie buurvrouw?

De lucht is weer blauw, als ik ‘s morgens voor mijn wekker wakker word is dat omdat de vogels in de achtertuinen aan het zingen zijn, de hond rent weer rondjes op het gras. Langzaam aan komt Amsterdam tot leven, bleke gezichten zitten met een lachje op de fiets, op weg naar de Coffee Company op de Dam, de tijd van afspreken en kopjes koffie is weer aangebroken.

De Appie verkoopt bloembolletjes in kitscherige potjes, en op twitter worden foto’s van tulpen getweet.

Vriendinnen bellen me; of ik zin heb om af te spreken bij Macy’s, of dat leuke zaakje op de hoek bij de brug aan de achterkant van het Vondelpark. Of ik het leuk vind om eind Maart een weekendje Antwerpen te doen, zalig eten en shoppen, want het voorjaar is immers begonnen. Ik leg mijn vriendinnen uit dat nu de lente in het land is ik wat minder tijd heb, ik ben fietser en voor mij is de tijd van de uren op de weg aangebroken. Maar van de winter wil ik best met ze naar Antwerpen.

Na die zware tijd met sneeuw en ijzel ben ik blij weer op de fiets te mogen zitten. Zo ben ik twee weken geleden met een omweg naar Zeist gereden om een kopje koffie te drinken. Die rit was een verschikking, mijn conditie was laag en het fietsen viel me zwaar. De dag daarna werd ik ziek en begreep ik goed waarom het me zo zwaar gevallen was. Gisteren was het eindelijk weer zover. Om kwart voor 6 ging de wekker, ontbijten, hondje uitlaten, douche, meer ontbijten, fietskleren inpakken, fiets op de schouder de trap af, Station Amsterdam Zuid en het rechtstreekse treintje naar Driebergen-Zeist, want om 9 uur had ik afgesproken om te fietsen. En het viel me zwaar, ik heb wel wat beter gereden, maar tussendoor viel het tegen. Ik was verbaasd te zien hoe snel ik na een heuveltje herstelde en weer lekker scheuren kon, maar ik had graag wat sneller gegaan. Ik werd mij ervan bewust dat er echt getraind moet worden,wil ik niet voor gek staan bij de tijdstrijderscup volgende maand.



Na het fietsen nog een bakje koffie gedaan en wat gekletst, al met al kwam ik pas om half 5 thuis. Ik had niet de tijd om bij te komen want ik moest ’s avonds stemmen tellen, voor de gemeenteraadsverkiezingen. Vannacht om half twaalf kwam ik pas thuis.

Al met al is dit niet zo bijzonder, als ik Rose niet was geweest.....

Vanmorgen werd ik moe wakker, de benen wilden nog niet zo, dus heb ik me nog een keer omgedraaid en begon ik een uur later aan mijn dag. En dat ging niet helemaal goed. Mijn lijf wilde niet, toch ben ik naar beneden gegaan en maakte ik een ontbijt klaar. Mailtjes gechecked en mijn hoofd was zo suf.
Hondje gevoerd en wat aandacht gegeven, ik begon de hoop voor vandaag te verliezen, wat is er toch met me aan de hand?

Nog een boterhammetje gegeten en besloten het dan maar rustig aan te doen. Wat is er toch met me aan de hand, de laatste tijd moet ik ook zo hoesten op de fiets, ik ben toch niet ziek?

God o god als dit zo door gaat red ik Zaterdag de damesrit niet hoor en ik kan ook maar beter mijn broer afbellen voor Zaterdagavond.

Oh nee, ik heb vanavond ook nog een afspraak, dat lukt me nooit, wat is er toch met me aan  de hand?
Ik heb mijn vitamines genomen, ik heb goed gegeten, het moet te maken hebben met dat hoesten.
Dokter bellen, afspraak maken, volgende week is te laat, kan het morgen?

Ik sta op het punt om een dekentje te pakken en met een boekje op de bank te gaan liggen, hoe kan die rit van gisteren er nu toch zo diep inhakken?

De was doe ik morgen wel, vandaag zit het er niet in. Maar hoe kan het dan dat ook mijn hoofd zo suf is?

Misschien moet ik het fietsen maar opgeven, deze sport is niet voor mij, ik ben fysiek niet sterk genoeg.

Terwijl ik bijna op het punt sta mijn nalatenschap te verdelen (drie fietsen en een hond) en afscheid te nemen, me afvraag hoe ik deze tijd doorkom en hoe ik het mijn moeder ga vertellen, nog een 2e dosis vitamines neem en besluit om in iedergeval de hond uit te laten die mij inmiddels benauwd aankijkt en een beetje bibbert omdat ze moet plassen, pak ik mijn handdoek en ga even douchen. Bij de badkamer aangekomen kijk ik door de gang de keuken in en een soort verbazing word in mij wakker. “Hoe lang geleden was het dat ik hier was? Ik heb het gevoel dat ik hier nog iets moet doen.” Ik loop de keuken in en zie het koffiezet apparaat en vraag me af wanneer ik dat ding voor het laatst heb aangeraakt. Al zeker meer dan 24 uur geleden.

Maar wacht eens even, ik ben helemaal niet stervende! Ik heb gewoon geen koffie gehad vandaag!

Ik heb meteen een vriend gebeld om te fietsen vanmiddag, het eerste wat hij me vertelde was dat hij niet zo fit was en dat hij niet heel sterk was, dan zou het een slap ritje worden..... nou, die gedachten..... daar heb ik inmiddels wel een antwoord op!
Het is niet voor niets dat half Amsterdam afspreekt bij de CoffeeCompany!


Monday, November 9, 2009

Crisis is as much a part of a relationship as everything else


I am soory for my non dutch friends, it just sometimes is easier to use my own language...

Fietscrisis

In de nacht van Zaterdag op Zondag werd het me volledig duidelijk ik heb een heuze fietscrsis. Rond een uur of drie werd ik zwetend wakker na in mijn slaap dagenlang het Kopje van Bloemendaal te hebben gedaan, in achtjes, het kopje beide kanten en weer, kom op even doortrappen, de koningin van kopje, de rode brievenbus en weer door het achtje, pak m van beide kanten, het steile stukje, blijven trappen Rose, en daar is de rode brievenbus weer, in een vlaag schiet ie in mijn ooghoek aan me voorbij, het kopje versneld alsof het een ritje op de kermis is, eeuwige achtjes en maar rijden.

De aanleiding tot dit nachtelijke drama was een afspraak die ik had met mensen om te fietsen op Zondagmiddag om 3 uur. Mensen waar ik nog nooit eerder mee gereden heb. Nadat ik al twee weken niet meer met mijn fiets de weg op ben geweest.

Ik ben een angstige fietser.
Een nieuwe fiets houd voor mij in dat ik de eerste twee ritten met tranen op de fiets zit.
Een nieuwe route houdt in dat ik na dertig minuten hoofdpijn heb.
Tegenwind doet mij vrezen dat ik geen kracht heb.
Fietsen met vreemden jaagt me angst aan om de natste krant te zijn.
Een geplande tocht, met onbekende route, dat houd voor mij twee weken twijfel in.

Twee weken terug reden we over een viaduct en ik reed zo ver mogelijk van de railing vandaan zonder te kijken naar de diepte onder het viaduct. Zo onrealistisch is het niet dat een windvlaag me van het viaduct af schept.

Afgelopen zomer bevond ik mij in een rit tussen 40 kerels volle bak rijdend, doodsangsten stond ik uit.

Toen ik begon met fietsen deed ik dit 's avonds, eigenlijk 's nachts terwijl de wegen leeg waren. Bij elk kruispunt clickte ik ver voordat ik het naderde weer uit zodat ik niet zou vallen, om me heen kijkend, hopend dat er geen auto was waar ik op zou knallen. In deze begin periode, tijdens nachtelijke ritten begon ik ook soms met een lach te rijden, staand op mijn pedalen en knallen. Fietsen gaf mij het soort spanning wat een ritje sixflags mij niet bieden kan.
De combinatie tussen mijn angsten trotseren en mijn grenzen leren kennen om deze te verleggen. Het leren mooi op mijn fiets te zitten, traptechniek verbeteren, duurvermogen opbouwen, routes ontdekken, op avontuur gaan, het ritme en de steeds maar doorgaande weg.

Ik ben verloren, verliefd op het fietsen en de liefde wordt beantwoord.
Zoals met elke relatie komt er na de euphorische periode van verliefdheid een tijd waarin het feest voorbij is en waar zal blijken of er sprake was van opwelling en een licht dat eenzaam uitdooft of een relatie voor het leven tussen twee geliefden die elkaar compleet maken.

Wat dit betreft ben ik net een kerel, ik ben een beetje bang mij te binden en laat mijn geliefde fietsen in de winterkou staan, dat terwijl ik niets liever wil dan rijden, de weg op. De beste excuses verzin ik om niet te hoeven en rusteloos zit ik met de leegte die het niet participeren in de relatie met fietsen in mij achterlaat.

Mijn geliefde fietsen, ik houd van je, ik verlang naar je, maak me compleet, ik ben verloren. Mijn fiets staat in de gang al klaar, morgen ga ik een ritje maken....
met iemand met wie ik nog nooit gereden heb...
zal ik afbellen?

En daar ga ik weer.