Wednesday, December 30, 2009

Angermanagement….. ….. of het stukje dat nergens over gaat.

Eigenlijk wilde ik een stukje schrijven over alle dingen die ik nooit zou doen, die ik nu wel doe, zoals een paar sokken kopen bij de Zeeman, of voor gek fietsen in zo’n strak fietspak, of een fietshelm, of Ugg’s, maar die dingen kan ik beter bewaren voor zo’n lege dag als ik niets te doen heb en het regent. Vandaag heb ik echt iets te melden!
De feiten….
Vanmorgen fietste ik naar mijn werk, voor een aantal dagen heb ik een klusje in Amsterdam Zeeburg, zo’n beetje aan de andere kant van de stad. De eerste dag dat ik daar moest werken lag er een pak sneeuw, dit lag er meerdere dagen, een aantal dagen niet, dat was toen ik vrij was. Ik heb drie racefietsen, een stalen, een tripple en een compact. Ik heb geen gewone fiets en ik rijd geen auto.
Het liefst rijd ik rond de 26 a 30 km per uur door de stad, negeer ik stoplichten en heb ik muziek aan. Dit doe ik niet altijd want er zijn ook dagen dat ik verstandig ben.
Ik krijg er een kick van om tussen auto’s te rijden, dit is begonnen toen ik in NYC zat en ik alles met de fiets deed. Ik vind het cool en stoer om met naaldhakken op een racefiets te zitten, dat is een mooi contrast en ik vind dat “Rock ’n Roll”.
Een baanfiets is niet voor op de baan, maar wat die veertigers nu doen in de stad is ook niet cool, want het hele land doet het al, dus de baanfiets moet een aantal jaar binnen blijven, of je moet er heel goed in zijn, ik ben dat niet, dus ik heb geen baanfiets, ik leen deze liever. Een stuur dat hoger of op gelijke hoogte als het zadel zit is voor sukkels en moderne stadsfietsen zijn allesbehalve cool, het lijkt net alsof mensen met hun handen boven hun hoofd rijden . Mountainbikes met noppenbanden zijn voor omstandigheden buiten de stad, wijdbeens hierop door de stad scheuren staat gelijk aan korfbal en is “not done”.

Het verhaal…. ..of de emotie en het drama
Kijk ik snap ook wel dat het niet logisch is wat ik doe, op mijn racefiets, met een rokje aan naar mijn werk fietsen en niet zeiknat van het zweet aan willen komen. Ik dacht eerst ook dat je op een racefiets perse heel snel moest fietsen. Naar de Appie voor mijn weekboodschappen met een mega rugtas op de racefiets lijkt misschien niet handig. Met mijn gladde banden door de stadssneeuw, die inmiddels grijze ijspulp is, is voor een buitenstaander misschien gekkenwerk, maar IK WEET WAT IK DOE!!!
Vanmorgen werd ik ingehaald door een oude man op een gewone fiets, ja zo’n eentje waarbij je stuur een meter boven je zadel zit, met een strakke Craft broek aan en overschoenen. Waarom doet die man dat? Ik begrijp dat niet. En tegelijkertijd staat het schaamrood mij op de kaken want ik word ingehaald, ik ben immers de fietser, toch? Of dan een huisvrouw op een oopoe fiets met kinderen die met dertig zich helemaal suf trapt door de stad, dat is toch niet leuk meer? Voordat ik ging fietsen deed ik dat ook altijd, ik had een oopoe fiets met een mand voorop met een hond erin en maar hard trappen. Sinds ik uren op de weg rijd heb ik het niet meer nodig om stuk te gaan van stoplicht A naar stoplicht B, dat ritje naar mijn werk in de ochtend is ontspanning. Daarbij, vanavond op de terugweg scheur ik op de weg en hang ik aan een auto als ik wil met keiharde takkeherrie op mijn hoofd.
Dus ietsje later is er een stoplicht en op de een of andere manier hebben mannen op stadsfietsen altijd de neiging om harder op te trekken dan een vrouw op de racefiets, vooral als dit bij een brug is en we omhoog moeten. Ik vind het best hoor, maar dat is toch niet helemaal realistisch. Mijn fiets is erop gebouwd om kolletjes te pakken en die van hem niet. Dus zo’n man stampt, puft en slingert al hijgend die brug op, terwijl hij het hele fietspad in beslag neemt, terwijl ik op de trambaan volledig relaxed voorbij hem tik en meezing met mijn Ipod. Dan ga je als macho man toch op je plaat? Dat is toch lullig? Maar de grap is, ze scheppen deze situatie zelf en ze zijn vervelend voor mij. Ik snap dat gewoon niet. Mannen reageren zo raar op een vrouw met een racefiets.
Nu, nog een voorbeeld, de trage fietser die bang is om te vallen, vooral met de huidige weersomstandigheden. Midden op het fietspad, bijna stilstaand rijden op dat ijsvrije strookje van tien centimeter breed, met mij in het wiel erachter, ook bijna stilstaand, geen mogelijkheid de man in te halen, want gladde banden op een laagje ijs is boem.
In het wiel bij een gewone fietser is levensgevaarlijk, die mensen weten niet wat ze doen. Stoplicht, we staan naast elkaar, licht gaat op groen en de beste man wil optrekken, want dat doen mannen nou eenmaal als ze een vrouw op de racefiets zien. STOP DE TIJD, FREEZE.
Ik rijd op een racefiets met gladde banden door dit weer, een fietser zit per week uren en uren op de fiets en heeft meer fiets ervaring dan de gemiddelde stads fietser, met die gladde banden dit risico nemen, dan moet je ergens weten wat je doet, een fietser op een racefiets is 1 met zijn fiets, die fiets is een verlengde van de fietser. WIE KAN ER NU HET BESTE VOOROP RIJDEN? Maar nee meneer ignorant rijdt gewoon door, duwt mij van de weg en gaat weer voor.
Dan nu, de moeder met bakfiets, dat is dus een meter meer fiets aan de voorkant wat met regelmaat midden op het fietspad tot stilstand komt, wat maakt het uit dat ik me bijna dood rijdt, het ziet er leuk uit zo’n bak met kinderen.

De oorzaak…. …of gewoon het excuus
Auto’s kan ik tegenwoordig aan, ze kijken me aan vlak voordat ze willen optrekken en dan schud ik nee en rijd door, dat werkt, maar fietsers, stads fietsers, schorem is het. Meestal boeit dit mij niet zo en ga ik overal met een bocht omheen, maar het is nu winter en ik ben een beetje teveel binnen, ik fiets niet elke dag en de deeveedeetjes zijn ook wel tot op het bot uitgemolken en mijn fiets-oppimp-project >>>klik hier<<< loopt ook niet helemaal lekker en dan gaan die andere mensen me gewoon irriteren. Dan heb ik geen zin meer om te kijken naar hoe onhebbelijk ik me gedraag, dan heb ik geen zin om rekening te houden met wie dan ook. Eigenlijk zouden in deze periode er van die mannetjes op motoren voor me uit moeten rijden die de weg vrij houden en zo’n Skoda auto achter mij met reserve fietsen, ik zou een oortje moeten hebben met de stem van een zen meester die mij vanuit de Skoda vriendelijk toespreekt en ik heb een masseur nodig en een mental coach. Dat is toch hopelijk niet te veel gevraagd?


De oplossing…. ….of gewoon de bevrijding.
Volgende week ga ik weer trainen, ik ga het rustig opbouwen, maar wel weer 5 keer per week en dan elke week een beetje meer. Ik weet gewoon dat ik dan weer een beetje rustig word vanbinnen. Tot dan weet ik dat ik maar mijn mond dicht moet houden, tot tien moet tellen en moet accepteren dat ik niet het centrum van het universum ben. Nog een paar nachtjes slapen en dan mag ik weer, en reken maar dat ik tijdens de eerste keer trainen in de regen, nog zo’n 40 km van huis verwijderd, met tegenwind, verlang naar mijn zelfopgelegde fiets pauze.

Sunday, December 20, 2009

The hour of power





Op de eerste dag schiep God de aarde, met het land en de wateren, God keek en God zag dat het goed was.
Dus op de tweede dag schiep God de bomen en bloemen en God keek en God zag dat het goed was.
God is nogal ijverig en raakte geïnspireerd dus vol goede moed schiep God op de derde dag de mens en God keek en zag dat er iets mis ging.
God had namelijk ook de Nederlander geschapen en zij namen het niet zo nauw met Gods land en wateren. De Nederlander keek, zag dat het niet georganiseerd was en de Nederlander schiep de dijken en zag dat, dat beter was.
God was natuurlijk niet voor 1 gat te vangen, hij had met de Nederlander ook andere volkjes geschapen en had hen kwaliteiten gegeven waar de Nederlander geen beschikking over had. De Nederlander keek en schiep de zeevaart, de wereldhandel in specerijen, de kolonie, de meesters, de grachten, de eerste gastarbeiders, de gouden eeuw en de Nederlander keek en zag dat ook dit redelijk goed was. Uiteraard kon het altijd nog beter, maar voor nu was het wel naar de Nederlander zijn zin. God had ook de Italianen geschapen en die driftige mannetjes hadden ook niet stil gezeten. De Italianen schiepen de mode, de pasta en de lekkere koffie. Dus de Nederlander schiep de Wehkamp, hmmm van Mora en de Senseo. Ja wat dacht die God wel niet? De Nederlander is ook niet voor 1 gat te vangen.
God krabde zich eens op zijn achterhoofd, vertwijfeld vroeg hij zich af waar hij was met zijn hoofd toen hij de Nederlander schiep. God liet echter zijn moraal hoog, de Nederlander mocht dan wel de dijken en de Senseo hebben geschapen, maar hij had nog wel iets waar de Nederlander niets tegen in had te brengen: het verschil van dag en nacht, licht en donker. Want God was niet stil blijven zitten, op de vierder dag had hij het heelal, de sterren, de maan en de zon geschapen en dat was naar zijn eigen zeggen een knap staaltje werk. Nu had de Nederlander ook nog een troef, want de Nederlander schiep de gloeilamp, de Nederlander keek en zag dat ie ’s avonds ook nog wat kon zien en vond dat al met al best goed.


God heeft hierna een tijdje rustig aan gedaan, hij heeft een aantal sessies bij een stress therapeut gehad, God heeft een knuffelcusrsus gedaan, gewandeld in de bergen, gezeten aan de voet van de Himalaya, God heeft zichzelf gevonden en in het ledige van het zijn heeft God een nieuw inzicht gekregen.
De Nederlander werd een beetje lui, op het gebied van uitdagingen hadden ze gekeken, gezien en geconstateerd dat het goed was, echter er was ruimte voor verbeteringen en in alle rust ging de Nederlander verder, de druk was weg, de dijken hielden stand, de Koffie smaakte slecht en de ledlampjes deden hun intrede. Eigenlijk ging de Nederlander ervan uit dat het wel goed zat.
Hier had God op gewacht. In de winter van 2009 zou God zijn slag gaan slaan en wel vlak voor kerst als de Nederlander zijn boodschappen ging doen. Dus op Zondag 20 December, 2009 schiep God een sneeuwbui, hij keek en zag dat de Nederlandse infra-structuur op z’n gat lag. God keek, genoot en vond dat het goed was.


De Nederlander zat voor de buis gekluisterd en hoorde het slechte nieuws, auto’s met 30 km per uur op de snelweg, het openbaar vervoer in Rotterdam ligt stil, de treinen rijden niet, geen trams in Den Haag, Schiphol is een chaos. God zag wat er zich afspeelde in Nederland en kneep in zijn handjes, hij was trots op zichzelf. In de verte hoorde hij een zacht gegrinnik dat steeds luider leek te worden. God keek naar waar dat geluid vandaan kwam en God had de schrik van zijn leven. De Nederlander had een geheim wapen! Hoe kon God dat hebben vergeten? Hij had toch immers gekeken en vond dat het goed was?
En de Nederlander? Die is niet voor 1 gat te vangen, weer of geen weer, de Nederlander fiest!













































































































Vreemd volk die Nederlanders.... en ik? Ik rijd dus op mijn dunne gladde banden door de stad. Gisteren vroeg ik aan een vriend van me, die vroeger fietskoerier was in Portland, Oregon, hoe hij dat deed toen. In Portland hebben ze een echte winter, daar is dat van ons niets bij. Hij vertelde me dat hij gewoon door fietste.
Misschien is het niet iets Nederlands, maar meer iets wat fietsers doen en dat Nederlanders fietsers in hart en nieren zijn.
Fietsers zijn niet helemaal lekker, op tv is nu een cyclocross in de sneeuw... Ik zet nog even een kopje thee, trainen doe ik wel in het voorjaar!