Showing posts with label tacx. Show all posts
Showing posts with label tacx. Show all posts

Thursday, December 16, 2010

over de videotheek, het fietsmaatje en de Tacx

Bij de videotheek om de hoek kennen ze me al… aan het eind van de middag kom ik binnen op een doordeweekse dag voor een filmpje. 
Niet te moeilijk... wel lang, een beetje zo’n film die me meeneemt in het verhaal, maar waarbij ik niet veel hoef na te denken. Vooral op dagen als vandaag, want het regent en niet zo’n beetje ook. 
Dus op mijn fiets gaat het achterwiel met het blauwe Tacx bandje en ik ga de doodsaaie strijd met de klok-in-combinatie-met-de-slappe-film aan.

Tacxen is niets aan, het is saai, een minuut kan op de Tacx zeker een uur duren. Dus waarom Tacx ik dan? “Ik heb een doel” is het simpele antwoord.

Altijd ergens rond 25 minuten, de 54 en het uur met 13 minuten krijg ik het zwaar, niet fysiek, maar in het hoofd, dat eeuwige hoofd. Ik heb dan geen zin meer, de tijd lijkt te langzaam te gaan, het is nog lang geen voorjaar of ik wil mijn mail checken.

Mijn fietsmaatje is veel beter in dit soort dingen dan ik. Hij is type verstand op nul en doortrappen. Ik weet niet of hij wel zo’n goede fietser is, maar wat ik wel weet is dat hij op karakter overal komen kan. Vergeleken hem ben ik een wijf, een jankerd. Het fietsmaatje weet mij goed te motiveren, hij verteld me niet dat ik door moet zetten of dat ik een watje ben als ik het niet doe, nee hij verteld me heel rustig dat hij “de vorige keer 96 minuten op de Tacx zat”..... Ja daar heb je me mee... ik moet dan meer.
Honderd heule minuten werd mijn doel. Dan verteld Fietsmaatje me dat zijn “doel de vorige keer negentig minuten was en dat ik daarom dan, als ik zonodig meer wil, zeker honderd-en-zes-tacx-minuten moet maken” Het werden er 100 en 7!

Het filmpje wat ik huur bij de videotheek is ook niet zaligmakend, het is afleiding, maar mijn hoofd verteld me binnen no-time dat ik het net zo goed op de bank kan kijken met een zakkie chips. Het is campingweer vandaag. Dat is regen, regen en nog eens regen. Ik ga op zoek naar een film van 115 minuten. Een film die je beter niet vanaf de bank kunt kijken... de chips en de cola komen vanavond wel.

Als iemand nog film suggesties heeft, of met me wilt skypen tijdens het tacxen... dan hoor ik het graag.

Thursday, May 13, 2010

PotentiĆ«le sleutelbeenbreuk…

Toen ik deze winter mijn eerste val maakte, door in een bocht met koud, glad weer over zo’n witte zebrastreep te rijden, vertelde iemand me dat ik pas echt meetel als poldertrapster wanneer ik mijn sleutelbeen eenmaal gebroken had. Ik vind dat een eng idee, ik kan me zo voorstellen dat het enigszins pijn doet.

Ik fiets weleens met iemand wiens motto is dat sturen het nieuwe remmen is. Met die gedachte ben ik een beetje aan het oefenen om harder bochten door te komen, in de stad, buiten de stad, alleen, in de groep. Slechts in het uiterste geval mag ik remmen, ik wil immers niet als een toerder de bocht door kruipen.  Doodsangsten sta ik uit bij sommige bochten: wat nu als ik tegen die muur oprijdt, of erger nog van dat dijkje af, een slipper maak en iets breek. Maar ja, alles om er niet als een toerder bij te rijden he...

Hoe groot is de kans dat ik val eigenlijk? Als ik volop meetrappend de Amerongse afrijd aan de lange kant. Als ik liggend op het stuur in een Cancellariaanse houding volle bak over een bobbeltje rijd. Als ik met nat weer plots moet remmen en mijn remmen met enige vertraging ineens de wielen weten stil te zetten. Of als ik een enorme zijwaartse rukwind op mijn uitermate onhandige, doch mooie velgen vang?

De nerd in mij zou wel een risicoanalyse willen maken, de empirische poldertrapster in mij weet de risico’s allang op te noemen, is op de hoogte van de toevalligheden en onregelmatigheden in de omstandigheden en zal niet eens proberen een risicoanalyse te maken. Fietsen in Noord-Holland is levensgevaarlijk! Zo simpel is het! En niet alleen voor mij hoor, ook voor mijn omgeving.

Zo begon ik gisteren in volle snelheid, tijdens het passeren van een niets vermoedende in stilte verkerende wandelaar, plots tegen mijn fietsmaat te praten. De wandelaar schrok zich rot!

Of de vrouw en de Garmin:“Links af! Nee niet hier, de volgende pas. Ja nu! Nee dat is rechts! Ja nu zijn we van de route, kunnen we mooi omdraaien.” Dat is niet veilig om voor je te hebben op de weg. In mijn geval is het nog erger: als ik op kop rijd en je vertelt me rechtsaf te gaan, ga ik doodleuk links. Gevolg, achter me, slordig op elkaar gestapelde renners.

Dan is er gewoon nog  het niet opletten, na een paar uur in eenzaamheid met de iPod over smalle plattelandswegen weer de stad inkomen en net, op een haartje na langs een rijdende auto schieten. Terwijl ik al zo leeg ben dat ik het me niet meer besef ...

Er zijn dus veel verschillende factoren. Maar er is 1 ultieme bottenbreker die in al zijn voorspelbaarheid heel onvoorspelbaar is en dat is de eend. Met nat doet ie een beetje raar, gaat ie midden op de weg in een plasje water zitten of aan de rand van de weg staan grazen. Her en der liggen ze in deze regentijd aan de kant van de weg: hoopjes veren met wat uitgesmeerd rood. Heel sneu. Maar als het erop aan komt, zijn die beesten vijand nummer 1 van de serieuze poldertrapster. Zo reed ik pas lekker een stukje met een jongen op een koersfiets waarvan de remkabels aan vervanging toe waren. Onder deze omstandigheden moest hij gespitst zijn op tijdig remmen of heul maar dan ook heueul goed sturen. Op het moment dat we met een snelheid van 32 een dijkje nemen, staat daar die eend... onbeweeglijk. Mijn maat gaat volop in de verrotte remmen en 5 cm voor de eend staat hij stil en klikt uit. Een zucht van opluchting en het besef hoe de afloop ook had kunnen zijn: chirurgen, mitella’s en de Tacx...  En de eend? Die bleef gewoon staan, bewoog zijn kop niet eens!

Vorige week, Ronde Hoep, de teller op 34 km/h, aan de rechterkant van de weg hebben meneer en mevrouw eend een momentje voor elkaar en voor mij een tegenligger in de auto. Ik houd mijn benen stil, het prachtige geratel van mijn naven snijdt door de stilte. Mevrouw eend staat op, meneer eend wordt gelanceerd en vliegt rakelings langs mijn gezicht, een hand voor mijn ogen en een slinger, een beetje uit evenwicht, meneer eend is weg, de tegenligger zet de voet op de rem en stuurt iets naar de andere kant van de weg, ik hervind mijn evenwicht, hand terug op het stuur, trappend, fiets bijsturen en naar de zijkant van de weg, mevrouw eend begint te waggelen, de tegenligger kijkt me recht in de ogen, ik hang met mijn lichaam iets naar de rechterkant en net op tijd voorkom ik dat ik een hoopje haar met wat uitgesmeerd rood aan de kant van de weg word.

Het zou je maar overkomen als eendenkuikentje, dat je op deze wereld komt met het verhaal van ma en pa eend die terwijl ze aan het “knuffelen” waren en een “nestje bouwden om jou, het eendenkuikentje te verwelkomen” er een mensenkuiken van de fiets werd gereden, omdat papa en mama eend zonodig langs de weg..... dat is toch ondragelijk!

En ik maak me druk om een sleutelbeenbreukje of een slag in het wiel.