Showing posts with label Alpe d'HuZes. Show all posts
Showing posts with label Alpe d'HuZes. Show all posts

Friday, February 18, 2011

Fotomodel

Kort geleden heeft Santé mij geïnterviewd, voor een serie portretjes van vrouwen die iets doen voor een goed doel. In mijn geval: zes keer de berg op fietsen voor Alpe D’HuZes. Door dit te doen fiets ik met een heleboel andere fietsers een bedrag bij elkaar wat wordt besteed aan onderzoek naar kanker. Om ervoor te zorgen dat we mensen met deze ziekte beter kunnen behandelen. Ook gaat er geld naar een programma voor mensen die kanker hebben gehad, want het is niet niets om een ziekte te overleven. Zulke grote gebeurtenissen kunnen de manier van naar het leven kijken echt veranderen.

Voor het interview belde de journalist mij op en we hadden een prettig gesprek aan de telefoon, niet veel later kreeg ik per mail de tekst die ze over mij had geschreven. En ja, die klopte. Direct na het interview voelde ik mij naakt, ik was eerlijk geweest over mijn gevoelens en motieven om mee te doen. Ook was ik eerlijk over mijn constante gevoel van falen als dochter, want ik zou er wel meer voor mijn vader kunnen zijn, vind ik. “Ik weet niet zo goed hoe ermee om te gaan en in mijn onhandigheid ga ik er dan met een boog omheen. Dan laat ik mijn pa links liggen en na een tijdje verschijn ik weer. Om toch iets te doen fiets ik dan maar een berg op.” Hoorde ik mezelf zeggen tijdens het interview.

Vandaag werden de foto’s voor bij het artikel gemaakt. “Leuk, met mooie kleding en make-up. Het is misschien een beetje eng, maar meestal vinden mensen het achteraf hartstikke leuk.” Vertelt de dame van Santé mij. Ik wil liever niet op de foto. Ik voel me een beetje onzeker over hoe ik eruit zie. De laatste tijd heb ik heel vaak fietskleren aan. Op mijn hoofd zit piekhaar wat alle kanten op staat of wat door mijn helm plat geduwd is. ’s Avonds heb ik – met mijn vermoeide benen – niet zo’n zin in een hakje en jurkjes staan een beetje suf nu ik een streepje op mijn been heb. Daarbij heb ik een wat dunner gezicht soms en lijk ik – in mijn hoofd – een stukje ouder dan dat ik werkelijk ben.

Maar ja, net als met mijn Pa, als ik hem niet bel ga ik hem niet spreken, het is een kwestie van gewoon doen, ook al voelt het soms niet fijn. Net als met het interview, als ik gewoon open ben en mezelf laat zien zoals ik ben, dan voel ik me achteraf misschien een beetje naakt, maar ik ben ook trots en delen hoe ik mijn vaders ziekte ervaar lucht mij ook op. Ik voel me begrepen. Dus zo’n fotoshoot kan ik ook wel!

Wat ik in mijn hele paniek pieker gedachten had overgeslagen was dat ik vroeger als model gewerkt heb, dat ik heel goed weet wat te doen als er en lens op mijn gezicht gericht staat. Ik ben een enorme poser! De moeilijkheid vandaag was niet het poseren, niet het spelen met de lens, dat gaat mij goed af. Het zat hem in het-gewoon-rose-zijn. Rose het fietsmeisje, Rose de dochter van Bart, Rose die ene berg op gaat fietsen, Rose die moeite heeft de training van de club te overleven, Rose gewoon ikke!

Een vriendin stuurde me een tekstberichtje waarin ze me op het hart drukte dat het wel goed zou gaan. “Als de fotograaf je innerlijke schoonheid kan treffen kan er niets meer mis gaan met die foto’s.” Stuurde zij me.
Een foto buiten in de wind, mijn haar waait alle kanten op en op mijn gezicht een blije grijns....

Ik zou zo zeggen.... het is gelukt!

En uiteraard even een snelle foto van mezelf in clubkleding met de make up op. "Wie niet snel is moet mooi zijn." dacht ik zo...


Friday, December 3, 2010

Een update...



















Deze week had ik het druk druk druk en heb ik weinig gedaan aan Alpe D'HuZes, maar hier toch een update:

Gedoneerd 916,01
Toezeggingen 660,00
Dus nog 4083,99 euro te gaan

Dat klinkt als een onmogelijke opgave.... maar dat heb ik wel over meer dingen gedacht.
Als iedereen die dit bericht lees nou een euro overmaakt... dat zou al heel veel helpen!

KLIK HIER

Sunday, November 21, 2010

Voor...

Papa, ik ben zo trots op je. Jouw vechtlust inspireert me.

Oma Mentink, wat jammer dat ik net te laat was om u te leren kennen. U wilde zo graag een kleindochter.

Bo, verre vriend, ik denk vaak lachend terug aan de momenten die we hebben gehad terwijl jij je chemo kreeg en ik je via de chat berichtjes stuurde en dat je erom moest lachen. Je lag te schateren terwijl de behandeling je lichaam in liep.

Gerrit Heezen en je familie. Sorry, ik heb even geen woorden.

...

Ik ga het doen, hopelijk 6 keer.


Kan je alsjeblieft de link forwarden, naar vrienden, kennissen of collega's?


http://deelnemers.alpe-dhuzes.nl/acties/rosementink/rose-mentink/actie.aspx

Thursday, June 10, 2010

Meer mooie foto's

Reis en hutgenootje tijdens de Alpe D'HuZes Sander Heezen stuurde me een aantal mooie foto's. Ik ga ze nog niet allemaal posten daar ik bijb sommige een verhaal wil schrijven. Maar omdat ik zo enorm trots ben op mijn eigen rijden, laat ik die alvast zien.

































Het meest opvallende was wel dat ik de hele tijd lachend de berg opreed...


































Even op de pedalen staan en aanzetten was dan ook geen punt....


































Eenmaal boven en over de finish was het stoere er snel vanaf hoor, hier was ik op zoek naar mijn bekenden, maar die stonden achter me om deze foto te maken. Heel even vond ik mezelf heel zielig, want ik wilde ook een knuffel. Ik kwam in mijn eentje aanrijden bij de "finish" omdat ik bij het tunneltje aanzette en weg spurte. Ik kreeg vleugels van het tussen de klappende mensen massa door naar de finish te fietsen, er is voor mij nog maar 1 optie... ik moet gaan koersen. Maar ja, of ik tussen al die snelle fietsers even weg kan rijden is de vraag nog maar. Ik ben in iedergeval al blij met mijn kleine 15 minutes of fame boven op de Alpe.


































Toch echt een meisje, boven op de berg, na een, voor mij, reuze klim... niet eerst een reepje of wat drinken, nee ik ga voor de lippenbalsam... Elizabeth Arden Eight Hour Repair Cream... geen fietstochtje zonder.


































Maanden geleden vertelde Sander mij dat ik, als ik boven zou aankomen, zou gaan huilen op de top. Stoer als ik ben, of wil zijn, lachte ik en wist ik zeker dat het mij niet zou overkomen. Deze foto maakte Sander van me direct na de knuffel die hij me gaf. Ik heb wel even mijn trane weg geveegd. Deze foto is geen modellenfoto met dat uitgedroogde gezicht en vermoeide ogen, maar ik vind het 1 van de mooiste foto's ooit. De diepe lijnen op mijn gezicht en de stralende ogen geven perfect weer wat de Alpe D'Huez voor mij is geweest... groei, zelfvertrouwen, plezier, emotie en een diepe, diepe stilte.


Saturday, June 5, 2010

Genoeg…

Gisteren reden er zo’n 2000 plus man meerdere keren de Alpe op en ik, op zoek naar een verhaal, liep van bocht 21 naar boven tot en met bocht 7. Nadat ik zelf de dag ervoor de berg was opgereden zag ik de klim die deze fietsers maakten door heel andere ogen. Lopend verlangde ik naar het gevoel van het maken van een klim. In de hitte keek ik naar deze fietsers en wilde mee, mee naar boven op en neer. In plaats daarvan klapte ik voor elke fietser die mij passeerde en maakte ik hier en daar een praatje met toeschouwers en rustende fietsers. Voordat ik het in de gaten had was ik bij bocht 7 en liep ik te duizelen van de zon en had ik vooral rust nodig. Leeg en me alleen voelend stond ik in deze feestbocht en had geen puf meer te juichen of te klappen voor de fietsers. Ik probeerde een lift naar beneden te krijgen, maar na een uur was dat mij nog niet gelukt. Duizelend liep ik naar beneden, een beetje in zelf medelijden en wat schaamte, want terwijl ik naar beneden liep fietsten zij immers weer naar boven in de stilte van hun afzien. Het aanmoedigen van de helden bracht mij weer op de been. Zeven uur nadat ik begon met de wandeling bergop kwam ik weer beneden, waggelend en uitgeput. Mijn handen deden pijn van het klappen, mijn benen zeer van het lopen. Maar ik had wel fietsers gesteund en soms aangeduwd of met ze meegelopen. Ik heb op mijn manier bijgedragen aan de barre tocht die zij zes keer maakten.

Voor een poldertrapster als ik is deze week enorm indrukwekkend geweest. Vandaag, moe van het lopen en alle indrukken, was dat goed te merken. De afgelopen maanden met de training samen met de fietsers uit Zeist. De zorgen die ik mij maakte omdat ik vaak niet meekwam en mezelf in het rood reed. De ritjes met wedstrijd jongetjes die mij met de minste tegenwind er al vanaf reden. De lange duurtrainingen met mijn iPod en al die maanden ergens diep van binnen de zorgen dat ik de berg niet op zou komen. De rit richting de bergen, met bij de aankomst een lichte angst voor die grote jongens.          


’s Avonds na aankomst een avond wandeling en de schrik door die grote muren rondom het dal. De autorit naar de top van de Alpe en de angst en tranen die ik ineens had, omdat ik zeker wist het niet te kunnen.
In bed die avond zag ik als ik mijn ogen dicht deed allemaal bergen en kreeg het benauwd. 


Toen de verrassing, de Col d’Ornon die ik met gemak met een hartslag van 150 optikte. Af en toe dansend op de pedalen, continue pratend en lachend. Maar dan die vreselijke daalervaring  waar ik huilend midden op de weg stond. Uiteraard droomde ik die nacht over diepe ravijnen waar ik bijna naar beneden stortte.

De dag erna deed ik mee met een clinic en reed ik zomaar de berg op samen met Boogie en zijn grote grijns. Ik blijk een klimmertje te zijn... de eerste keer dat ik de Alpe oprijd is het in 1 uur en 30 minuten en ik heb niet diep hoeven gaan, ik had aanzienlijk sneller boven kunnen zijn als ik ervoor gekozen had volle bak te rijden.

Soms ... door de week, als ik gewoon thuis ben, of in de Appie, zelfs als ik bij vrienden ben... kan ik verlangen naar de stilte van een duurtraining, dan voel ik me op de verkeerde plek of incompleet en wil ik niets liever dan het ritme, de cadans en de rijke leegte van de uren op de weg. Dan weet ik dat ik die dag mijn fiets ga pakken en kilometers ga vreten. Maar sinds deze week is er iets bij gekomen, ik wil rijden, ik wil die langzame tred op de berg voelen, ik wil die specifieke druk op de benen hebben, ik wil de rare balans van de bochten ervaren en dan langzaam aan de weg weer in stroop voelen veranderen. Ik heb mijn ritme gevonden, ik weet welke fiets beweging mij het beste afgaat. Ik wil weer thuiskomen op de berg. Doe mij maar tien procent.

Vanmorgen werd ik wakker en voelde me vermoeid na de lange wandeling van gisteren, ook verlangde ik naar huis, naar mijn kamertje en het kopje koffie op de Beethovenstraat. Veel mensen waren al aan het inpakken en het parallelle bestaan van het evenement en de vakantie kwam langzaam ten einde. Ik voelde mij rusteloos en een beetje ongelukkig. In plaats van het gevoel te accepteren probeerde ik het op te lossen met een ritje op de fiets. Na tien minuten rijden bleek ik op te zijn en dat kon ik niet fixen met het gevoel van een klim. Het was klaar, op, over...

Ik heb deze week een nieuwe kant van mezelf gevonden, hoogte vrees getrotseerd, diepe emoties gevoeld, fysieke prestaties geleverd. Ik ben veel onder de mensen geweest, ik heb mensen gesproken die na behandeling hun leven in de bonus leven, ik sprak anderen die het verlies ervaarden van het overlijden van een kind of geliefde. Ik heb maanden naar deze  week toegewerkt en vandaag was niet het moment om nog eens iets nieuws of iets op de grens te gaan ervaren. Voor mezelf ben ik enorm grensverleggend bezig geweest en het is tijd voor rust. De veiligheid van het bekende, thuis, mijn bed, mijn hondje, mijn buurt.

Ik ben een klimmer... hoe mooi is dat?

Aanstaande dinsdag sta ik weer racefietsen te verkopen bij De Haan in Oudekerk aan de Amstel. Deze week zal ik de verhalen nog een paar keer vertellen, misschien iets aandikken en regelmatig de foto’s bekijken. Thuis ligt mijn agenda, daar zal ik snel een weekendje Ardennen inplannen, maar eerst wil ik gewoon een rondje ringvaart rijden, in mijn dodelijk saaie Noord Holland. Want al met al ben ik toch ook gewoon een poldertrapster.

Tuesday, June 1, 2010

Klim-methodiek

Vandaag gaat het eindelijk zo ver zijn. Er gaat gefietst worden! Samen met het clubje wat in het huis aan de overkant van de weg zit, met o.a Rick, Wilma en een jongen die ik gisteren sprak die zelf zo’n twee jaar geleden nog behandeld werd omdat hij teelbalkanker had.  Dan hebben we nog Hennie, een van de motorrijders van Alpe D’HuZes, Sander, de fotograaf en hopelijk Gerrit en Suzy.

Een bijzonder groepje, Hennie, Suzy, ik, Wilma en de jongen die twee jaar geleden nog ziek was hebben nog nooit de Alpe op gereden. Ik ben nog nooit een berg op gereden en Hennie vertelde me gisteren dat ze alleen nog maar ervaring heeft met de Holterberg.

Sander is zo’n gevaarlijke fietser, in tegenstelling tot de rest van het groepje rijdt hij niet op zo’n uberlicht race fietsje, maar op een Mees, model Sherpa. Deze fiets is bedoelt voor vakanties, de Schwalbe Kojak banden zijn wat dikker, maar wel glad, het frame wat zwaarder, een recht stuur met opzet stuk aan de zijkant voor afwisseling van de handposities. De Sherpa is XT afgemonteerd en heeft een heel licht verzetje erop zitten. Het zadel... een inmiddels ingereden mooi lederen bruinen Brooks zadel. Sander is geen snelle jongen, hij hoeft niet als eerste boven te zijn, hij heeft niet de drang het in 1 keer door te rijden. Sander kan in zijn eentje enorme afstanden overwinnen en hij kan je achteraf nog vertellen hoe mooi het was, maar Sander is geen tourder. In zijn eentje kan hij ons er met gemak uit rijden. Met enorme kuiten en een leeg hoofd rijdt hij gewoon de wereld rond. Sander vertelde mij dat hij voor het klimmen iets geleerd heeft toen hij lopend naar Santiago de Compostella ging: in plaats van te denken aan de volgende kilometer, of aan hoe zwaar het is, heeft hij geleerd om de omgeving in zich op te nemen. Een bloem, een boom, Het stille zoemen van bewegende blaadjes aan de bomen die dansen in de wind, het zachtjes kletteren van een waterval.

Wat Sander doet is eigenlijk heel hip, in somige kringen, het heet mindfullness. Het is het bewust inhet moment zijn en waarderen en ervaren wat is en niet wat zou kunnen zijn of wat had moeten zijn. Wielrenners spreken vaak over het hoofd, zo moet het hoofd geen zware last met zich meedragen, want dat gewicht maakt het moeilijker om naar boven te fietsen. Ergenis aan een fietsmaatje is ook geen succes formule, weet ik uit eigen ervaring, wat bij mij schiet door de frustratie in het hoofd mijn hartslag omhoog. Verveling is ook niet goed. “Huisgenootje” Gerrit heeft zo zijn eigen methode.

Gerrit fietst namelijk zes keer omhoog aanstaande Donderdag en daarvoor is hij nu al twee dagen in de weer met zijn iPod en de muziek op zijn computer. De ultieme playlist tegen de verveling nadat hij de berg al een aantal keer is opgereden. In sommige bochten, de feestbochten, 7 en 16 is het heel druk en worden de Alpe D’HuZessers toegejuigd. Deze bochten slepen de rijder door het dooie moment en met een glimlach rijden ze dan verder. Na 100 meter is het weer gewoon klimmen en is de berg weer stijl. Het ultieme klimliedje voor Gerrit is “Kryptonite” van 3 doors down en dat andere nummer van Gruppo Sportivo en een heel gaaf nummer op de berg is volgens hem “Like the Way I Do” van Melissa Etheridge.
...

Mijn methode, weet ik nu zo’n 24 uur later, is er een van hallo zeggen tegen bloemen, vooral die mooie paarse en af en toe de berg aanraken met mijn hand in het voorbij rijden. Ik reed gisteren Le Col D’Ornon op, daarmee ging ik zo’n 650 meter de hoogte in over een afstand van 12 km, met een maximaal stijgings percentage van 10%. Bij elke bocht zei ik zachtjes “dankjewel dat ik hier ben”. Tot mijn grote verbazing ging het me best lekker af. Ik ben met iemand meegereden die al vaker een berg opreed en heb hem in alles na gedaan. Als hij zijn bidon pakte deed ik het ook, als hij schakelde deed ik het ook. Hij staan op de pedalen.... ik ook. En zo ben ik aan zijn zijde omhoog gereden. Onderweg hebben we gepraat, gelachen en wat mensen ingehaald die ons in het begin voorbij reden.

Alleen het dalen ging mij niet zo goed af, ik reed mee met een ploegje en scheurde best snel die berg af, totdat ik in de gaten kreeg dat er naast de weg HELEMAAL niets zat, een groot gat waar ik zo in zou kunnen rijden, mocht ik iets fout doen. Ongelovelijk bang ben ik gestopt en ik stond midden op de weg te huilen. Ik durfde niet vooruit, niet achteruit, niet naar links maar vooral niet naar rechts. Andere fietsers haalden me geschrokken in. Met mijn onervarenheid en angst maakte ik het door midden op de weg te staan gevaarlijk voor anderen. Uiteindelijk ben ik een stukje lopend verder gegaan. Even voelde ik me heel alleen en verloren. Fietsers reden aan me voorbij naar beneden, anderen ploegden naar boven en ik stond even buiten het fietsers geheel, met tranen over mijn gezicht en een vinger in mijn mond. Nu ik dit schrijf doet het me weer denken aan mijn vader.

Voordat hij geopereerd werd, een maand of twee geleden, stuurde hij me een kaart waarin hij aan me vroeg “lekker door te leven en plezier te hebben, want hij ging even niet meedoen, maar omdat hij van plan was weer terug te komen had hij het van mij nodig om door te gaan, want als hij dan weer mee gaat doen dan kan hij zo verder waar ik gebleven ben.” Nu is een berg oprijden voor mij best leuk, ik vind het gaaf, al heb ik de Alpe D’Huez nog niet gevoeld, maar ik vind omhoog best mooi. Maar stel nu als dat moment van gisteren een soort van metafoor is en die fietsers die naar boven ploegden en naar beneden sjeesden nu eens de gezonde mensen waren en dat mijn vader beneden aan de berg bedenkt om een stukje met me mee te fietsen en ik ergens halverwege de berg bedenk dat ik het niet zie zitten... dan staat die arme man daar op me te wachten... mooi is dat!

En dat is mijn tweede methode, als ik een berg opfiets of niet verder durf met dalen, dan denk ik even aan mijn vader en dan kan ik weer verder. Hier bij de Alpe D’HuZes noemen ze dat “dat ik mijn vader op mijn bagage drager heb zitten”



































































Sunday, May 30, 2010

To Alpe or not to Alpe

Het verblijf is op de camping Piscine in het dal, sinds we zijn aangekomen ben ik al duizelig en misselijk en wandel ik een beetje verdwaasd achter mijn clubje aan. Mijn clubje bestaat uit Sander Heezen fotograaf, Gerrit Walraven de Teamleider  Deelnemers coordinatie en zijn vrouw, Suzy. Dochter Loes is door gezondheids redenen nog in Nederland. Vierde lid van ons ploegje ben ik dus, Rose Mentink... poldertrapster.

Mijn clubje Alpengangers is al ervaren, ze hebben gesprekken over voorgaande jaren en in de supermarkt is het een weerzien van Alpe D’HuZes vrienden en komen we eigenlijk niet toe aan boodschappen doen. Op de camping worden ontspannen rondjes gelopen en hier en daar maken de leden van mijn groepje een praatje met andere organisatie leden van het evenement.

Het is voor mij wel veilig om zo, voor de eerste keer op de Alpe, mee te liften op de ervaring van de organisatie. Voor hun is het in alle waarschijnlijkheid een vermakelijke, maar ook een intieme belevenis om het evenement door de ogen van een poldertrapster mee te maken.

Ik zit op dit moment in de grote hal van het Palais des Sports, we zijn met de auto naar boven gereden met als doel de vrijwiligers die hard aan het werk zijn te gaan helpen met het opbouwen. En om te kijken hoe het er hier boven aan toe gaat. Voor het entree staan twee grote vrachtwagens, waar een groep mensen flesjes met sportdrank aan het uitladen zijn, binnen wordt de merchandise opgebouwt en de dames van de bar hebben een “Holland House” gecreeerd met slingers en een mooi verzorgde bar. Het is hier geen drie sterren horeca, niet de geoliede machine van een evenementen buro. Hier op de Alpe lijkt het meer op een samenkomst van verschillende mierennesten, waarvan de leden van de mierenstammen elkaar al kennen en waar iedereen met zijn eigen motivatie en passie voor het evenement zijn werk doet. Een banner wordt opgehangen met stukjes stage tape en donderd vervolgens weer rustig naar beneden. De slingers van de bardames die zij langs de trap hingen worden bedekt door banners met sponsornamen. Kinderen van Alpe D’HuZessers zijn aan het pingpongen, balletjes die de ruimte door vliegen. Sander, de fotograaf is op zoek naar de persruimte. Johan van der Waal, koersdirecteur laat zijn haar zien waarin het logo van Alpe D’HuZes is geschoren...

Ik voel me een beetje verloren, zo hier boven op de Alpe. Tussen al die mensen die lijken te weten wat er te gebeuren staat en wat ze moeten of kunnen doen. Ik voel me klein en nietig en dat heeft weinig te maken met de mensen die hier rondlopen.  Als ik in mijn eentje naar buiten ga lopen de tranen over mijn gezicht, ik heb ineens enorm de behoefte om mijn vader even te bellen om hem te vertellen dat het goed met me gaat, maar eigenlijk wil ik uit zijn mond horen dat hij in mij gelooft, dat hij vertrouwen in mij heeft. Want zelf geloof ik het even niet meer...

Af en toe zie ik een fietser in fietskleding rondlopen, zij kwamen met de fiets naar boven. Ik niet, ik kwam met de auto en dat had ik misschien niet moeten doen. In de auto ben ik geschrokken van hoe steil omhoog de weg gaat, dit is geen Amerongse berg, bocht na bocht gaat het maar door, met aan de ene kant meer berg en aan de andere kant mist en daar doorheen grote witte toppen van nog meer bergen.
In de aanloop van dit evenement begreep ik niet zo goed waarom iemand een berg op gaat fietsen om geld in te zamelen voor kanker, in theorie zag ik ergens het idee wel van “opgeven is geen optie”, maar het drong nog niet zo tot mij door.

In de auto ben ik net gaan huilen, ga ik deze weg opfietsen?
Deze bergen zijn groter, veel groter dan ik, ze zijn ouder dan mijn leven en zullen na mij nog eeuwen lang blijven bestaan. In mijn kleine wereld ben ik het middelpunt van mijn bestaan, maar nu, hier op de berg snap ik hoe klein ik eigenlijk ben. Ik vraag me af of ik wel sterk genoeg ga zijn.

“Opgeven is geen optie” maar ik heb gewoon een keuze, ik kies ervoor om deze berg op te rijden, ik kies ervoor om de strijd aan te gaan met iets wat groter is dan ik. Op dit moment rijdt mijn vader waarschijnlijk weer terug van het ziekenhuis, waar hij dagelijks heen gaat om zijn chemo te krijgen. Hij heeft ook een keuze, net als ik. Met het verschil dat als ik ervoor kies om niet te gaan fietsen ik misschien een ego met een deukje eraan over houd. De feiten zal ik weg kunnen rationaliseren en na zoveel jaar kan ik terugkijken en zal ik het verhaal wat aandikken, maar ik zal me altijd blijven afvragen hoe het geweest zou zijn als ik wel gegaan was. Mijn vader.... zijn keuze, wel of geen chemo, is een hele andere, het is namelijk een keuze van leven of dood. Opgave is altijd een optie, maar het zijn de resultaten en de passie voor wat is die de keuze bepalen, mijn vader houdt van het leven en is niet bereid dit zomaar op te geven... ik houd van fietsen en ben niet bereid dit zomaar los te laten.















































Saturday, May 29, 2010

Vive la France, vive les montagnes

Eigenlijk was ik van plan een stukje te schrijven over de heenreis, over hoe ik vanmorgen in het gestresste Amsterdam zat en hoe ik dan geleidelijk aan richting de Alp reed en hoe deze rit begon met een enkel autootje en hoe dat er twee, drie en vier werden, allemaal met Nederlandse nummerplaten en fietsspullen in de achterbak en hoe we elkaar herkenden bij tankstations en bij wegrestaurants gezamelijk naar het buffet liepen vrolijk pratend over de komende Alpe D’huZes...

Ik wilde er een leuk stukje in mengen over hoe we tijdens de reis meezongen met Billy Jean van Michael Jackson en hoe we het spelletje “Wie ben ik” afwisselden met nummerbord raden en hoe ik af en toe dutjes deed en droomde over fietsen.

Maar dit is allemaal van een minder belang, een mindere hoge waarde op de schaal van ervaringen die gedeeld dienen te worden.

Ik dacht altijd dat een lekkere maaltijd mij echt stil kon krijgen, of het zien van een mooie fiets, een goed verhaal kreeg mij ook altijd wel stil, maar vandaag, wat er aan het einde van de 1000-nog-wat kilometer lange rit gebeurde... tranen en geen woord meer uitbrengen.

De Ornon, Galibier, Glandon, Croix de Fer, Les Deux Alpes en dan ook de Alpe D’Huez... ik zat in stilte met mijn zonnebril op in de auto, om me heen kijkend, een traan over mijn gezicht, verwondering... wat een grote jongens.

In Zuid Afrika heb ik wel de Drakensberg gezien, maar deze jongens vandaag, sommigen nog met sneeuw op de toppen, ik zie ze nu door heul andere ogen. Dit zijn namelijk bergen die ik niet tot me neem door er naar te kijken, een aantal van deze jongens ga ik deze week oprijden.  Zo hoog? Ga ik helemaal naar boven, is dat de bedoeling?

Kunnen mensen dit wel? Ja dat moet wel anders zouden die huizen er immers niet staan...
In stilte voelde ik zo’n enorme dankbaarheid, hoe is het mogelijk dat ik, Rose, Poldertrapster hier nu is, wie ben ik  dat ik dit mee mag maken? Nog steeds zit ik met een glimlach op mijn gezicht, ik ben een beetje druk van binnen en hoop dat ik kan slapen. Wat enorm opwindend is het om hier te zijn.

Ik ben met mijn fietsje al het dorp in gereden, morgen om 11 uur gaat het beginnen, de eerste berg op. Zal ik een klimmer zijn?

Monday, May 24, 2010

hoofdzaak

Gisteren zat ik te denken over hoe sterk ik wel niet ben, dan bedoel ik niet fysiek, maar meer “ik” als mens. Dit kwam door de inspiratie brief die ik ontving voor de Alpe D’HuZes. Dat is een mail die de rijders en vrijwilligers ontvangen om het moraal een beetje gaar te stomen voor het bizarre afzien om geld in te zamelen. De mail ging over afzien en wat mij aansprak was dat er werd beschreven dat elke fietser die omhoog rijdt op het punt komt waar het genoeg is, waar het hoofd zegt dat het niet mogelijk is. Mijn hoofd vertelt me dat nu al!


Wat de schrijver vertelde was dat dit punt niet meer dan een moment van intens zelfmedelijden is en dat sprak mij aan, dat begreep ik. Ik weet al dat ik pijn ga hebben, dat het fysiek zwaar is om een berg op te rijden, maar wat heb ik aan ervaring om mezelf mee te geven als dat moment van zelfmedelijden komt?


Vorig jaar ben ik geopereerd, de week na de operatie lag ik jankend op bed en had enorme pijn. Niets maar dan ook niets hielp, anders liggen, beetje bewegen, afleiding, het hielp niet! Aan het einde van die week ging ik weer een beetje lopen en een wandeling die normaal tien minuten duurde nam ruim drie kwartier in beslag met aan het einde pijn, vreselijke pijn. Na zo’n wandeling kwam ik thuis en viel direct in slaap. Ik was ondanks de pijn in staat om de wandeling te maken, waarom? Omdat ik het wilde en omdat ik de pijn niet groter maakte dan dat deze feitelijk was. Dus als ik dat kan, dan kan ik ook een berg opfietsen.


Soms als het tijdens het rijden me wat te zwaar wordt dan helpt het me om te herhalen in mijn hoofd dat aan alles een einde komt, zolang ik maar doorga. Dat doet me denken aan mijn vader. Hij heeft door de bestraling last van oedeem en hoort daardoor minder, praat moeilijker. Toen ik hem aan de telefoon had, was hij daar heel rustig onder, vertelde me dat het een noodzakelijk ongemak van voorbijgaande aard was. Vermoedelijk herhaalt hij in zijn hoofd ook dat aan alles een einde komt, zolang hij maar door gaat.


Vandaag heb ik een stukje gereden met Dalton en hoe hij het zag sprak mij ook wel aan. Het was herkenbaar. Als we pijn voelen, door bijvoorbeeld zwaar te fietsen is onze eerste menselijke reactie de actie die de pijn veroorzaakt te stoppen en door het tegenovergestelde te doen knip je als het ware de verbinding door en leg je een nieuwe. De verbinding van doorgaan of in wielertaal diepgaan of afzien. Het vermogen om niet naar je instincten te handelen en zo de grens over te gaan. Iedereen heeft een andere methode, een eigen manier, om dit te doen. Voor mij werkt het om te herhalen wat anderen tegen mij zeiden. Zo vertelde Eric me dat afstappen verslavend werkt, door dat te herhalen kan ik nog even door. Guido, de sportarts, vertelde me dat ik die benen best wel even lekker mocht laten branden, dat alles vertel ik mezelf als mijn hoofd me zegt dat het nu echt genoeg is.


Een methode om door te trappen als het hoofd schreeuwt, is deze stoorzender te laten razen zonder al mijn energie te verliezen aan pogingen het te negeren. Ik ben zo enorm benieuwd naar wat Kenny van Hummel deed vorig jaar tijdens de Tour of Gesink, die na de zoveelste val toch in staat bleek door te rijden. Welke methode zal deze broodnuchtere boerenzoon eigenlijk toepassen?

Sunday, February 7, 2010

Alpe d'HuZes

Ik heb een tijdje niets geschreven, het werd me allemaal iets te kankerig in mijn leven en denken. De kunst van het leven met kanker of het leven met iemand met kanker is om daadwerkelijk te leven. Tegenwoordig houdt het leven niet meer op met de diagnose kanker, dus voor mij als familielid is het ook niet zo dat kanker verlies betekent in de vorm van “morgen is mijn vader er niet meer”. Het is wel een angst en zorgen hebben dat zijn intrede doet in mijn leven en tegelijk een versterkt houden van. Mijn vader was drie weken geleden in Nederland en op twee februari is hij getest omdat hij een pijnlijke plek bij de basis van zijn tong heeft. Ik heb geprobeerd een stukje te schrijven maar dat lukte me niet, ik zat heel even in het drama van een mogelijke kanker bij mijn vader. Er schiet dan van alles door mijn hoofd en alles wat ik zag bij mijn vader toen hij in Nederland was, heeft ineens een andere lading. “Wat nou als dit de laatste keer was dat hij bij ons in Nederland was?” Het plaatsen van wat er speelt in de familie begint bij zulke extreme gedachten en langzaam aan vind ik mijn balans weer en kan ik samen met mijn vader zien dat we er misschien even tegen aan moeten.
Mijn gevoel van schaamte en schuld is wel minder geworden, sinds ik deze stukjes schrijf, maar vooral sinds ik de ogen van mijn vader zag toen we het erover hadden. Mijn vader heeft het zwaar te verduren gehad en ik besef mij steeds meer dat herstel van kanker pas begint na de chemo’s en na de bestraling en dat een groot deel lichamelijk is, maar dat er ook een erg groot deel emotioneel is. Dat laatste deel kunnen volgens mij niet veel mensen bevatten. Mijn moeder vertelde me dat als mijn vader iemand ziet met een geel Livestrong armbandje dat hij zich dan even verbonden voelt. Volgens mij is dat heel belangrijk en ik denk dat hetzelfde geldt voor Alpe D’HuZes, dat het een beetje erkenning is voorkankerpatiënten en hun familie. Maar de actie gaat natuurlijk om meer, want er wordt geld ingezameld. En waar gaat dat geld eigenlijk naartoe? Op de site staat: ‘Anderen Faciliteren en Inspireren om Goed, Gelukkig en Gezond te leven met kanker’, dat is erg positief, zoals ik al zei, kanker gaat niet meer persé om afscheid nemen. Ik zie dat mijn vader tegenwoordig een enorm levensgeluk heeft, hij geniet van de kleine dingen, maar ik zie ook dat hij om moet gaan met een aantal verliezen. Zo is zijn hobby koken, maar in zijn gezicht en bij zijn mond is er het een en ander beschadigd: zijn smaak is minder sterk, kan hij niet alle voeding meer verwerken en is hij vaak moe en kan daardoor minder met zijn hobby bezig zijn. Ik vraag me af hoe je anderen kunt faciliteren en inspireren om positief te leven met kanker … het zal te maken hebben met dat herstel op fysiek en emotioneel vlak. Ik kan me voortstellen dat iemand die zo hard gevochten heeft voor het leven weer moet leren hoe dat leven nu ook alweer moest, maar dan nu met een vermoeider en minder sterk lichaam. Een gedeelte van het geld dat wordt ingezameld door Alpe d’HuZes gaat naar een revalidatieprogramma: ‘Het doel ... is het ontwikkelen, implementeren en evalueren van revalidatieprogramma’s voor kankerpatiënten op maat en aangeboden en opgenomen in het basiszorgpakket. Omdat voorgaande studies lieten zien dat krachttraining en conditietraining hierbij veelbelovend zijn, zijn beweeg- en trainingsprogramma’s een belangrijk onderdeel van A-CaRe. A-CaRe kost € 6.000.000,00. Dit bedrag wordt betaald uit het Alpe d’HuZes/KWF fonds.’ Er staat nog meer op de site, het ingezamelde geld wordt verdeeld over een aantal projecten.
Ik ben eigenlijk een beetje uitgeschreven op het moment over kanker, nu het met mijn vader weer spannend is ben ik gegaan van familie van iemand die kanker overleefd heeft naar familie van iemand die misschien weer aan de chemo moet. Het staat iets te dichtbij voor mij nu. Ik ben begonnen met schrijven over Alpe d’HuZes en over Jip om hem te helpen geld in te zamelen. En dat moet nog steeds gebeuren, ik zal dan ook een link plaatsen naar zijn pagina waarop precies staat hoe dit te doen. Mijn andere reden dat ik dit schrijven begon was omdat ik mij verdrietig voelde omdat ik er niet kon zijn voor mijn vader toen hij ziek was, al schrijvende heb ik daar vrede mee gekregen en ik weet dat ik mijn vader diep geraakt heb: hij weet dat ik heel veel om hem geef. Al schrijvende ben ik meer betrokken geraakt bij Alpe d’HuZes en ik ga zelf ook mee naar de Alpe om vrijwiligerswerk te doen. Ik heb zelf weinig geld en dit is een goede manier om ook bij te dragen. Ik zal aan de kant staan om Jip aan te moedigen en bij deze nodig ik iedereen uit om ook te komen, maar vooral nodig ik iedereen uit om te doneren.
Vorige week was het wereld kanker dag en er stonden mensen met collectebussen in de stad, ik had geen geld mee en daarbij lever ik op mijn manier mijn bijdrage. Toen ik die mensen zag staan met de collecte bussen was ik mij er enorm van bewust dat ze er ook staan voor mijn vader. Misschien is het een enorme verrijking voor mijn leven dat mijn vader kankerpatient is, omdat het liefde, compassie en dankbaarheid in mij wakker heeft gemaakt.
De strijd tegen kanker is niet verloren, maar hij is zeker nog niet gewonnen, Guus van den Anker, de clubgenoot van Jip is niet voor niets overleden. Hij heeft ervoor gezorgd dat Jip die berg op gaat rijden, net zoals de gezondheid van mijn vader ervoor zorgt dat ik dit schrijf en zo zijn we allemaal schakeltjes die samen kanker aan de ketting leggen en stukje bij beetje gaan we vooruit. Ik hoop dat het verhaal van Jip en Guus en dat van mijn vader en mij jullie inspireert om te doneren. Hier is de link naar Jip z’n pagina  http://deelnemers.alpe-dhuzes.nl/acties/jipcoolen/team
Ik doe even een stapje terug en wacht de uitslag van mijn vader af. Het is voor mij en mijn familie een intense periode, we hebben vertrouwen, maar toch zijn we een beetje bang, wat nou als....
Een ding is zeker, mocht mijn vader weer naar het ziekenhuis moeten, deze keer zal ik alles op alles zetten er voor hem te zijn en mocht hij gezond zijn, dan zal ik alles op alles zetten om het leven met hem te vieren, maar dan verwacht ik hem wel op de Alpe om Jip aan te moedigen J.

Wednesday, January 27, 2010

Translation part 2

For my friends in the US, the UK, South Africa and New Zealand, here is the second translation of my story about cancer. It is for a good cause, cancer awareness that is important for me to share with you. I am not done with it yet, it is a "to be continued" story.

Today someone told me some of his story, an American guy who is living in the Netherlands for a while. He is working at a rehab and helps addicts get clean. His story was special for me. Years ago he was a junkie in the streets of San Francisco and got arrested. He was in prison and had to stay there for another 8 months and the doctor told him he had cancer and that he had about 6 more months to live. That was 1999. He turned his life around and chooses to no longer hide in using drugs; today he helps young addicts in the Netherlands. His cancer showed him that he could die and he chooses life.

That reminded me of my little mission, I need to continue, because my story about Alpe duZes is not done yet. Cancer is a shitty nasty disease and when I heard his story I was surprised. Not because he is clean, I was surprised because he is a cancer survivor. Before my dad got sick I was one of those people to whom such a thing would never happen, now that I know my dad is a cancer patient it seems as if my vision got narrow, as if I believe somewhere that we, my family are the only ones. Two extremes that are not correct, that both do not contribute to a unity. My first thought was based in fear and denial, it would not happen to me and my family. The second thought is one of survival, a tunnel vision, my life and my feelings. Both are not realistic and not productive. Reality is that each and every one of us will in one way or another be faced with this disease, may it be personal, family or friends or coworkers, we will be faced with cancer. A realistic view on this makes that we can acknowledge cancer, and that we can carry it together. Cancer is a lonely disease, for the patient and his family and by admitting that it is there we will be able to have a better understanding and that the disease will be less lonely. Yes! Is that Utopia? I hope not!

So Jip is going to cycle up that mountain, by doing that money gets donated, Jip needs to get sponsors and help from us. I have no clue how it is to cycle up that mountain, I do know that I am making it somewhat big in my head. It seems like some job to do. I do get that training before hand is needed, because cycling it up and down, several times a day really is something. So Jip is doing what he can do right now when it comes to training, also sports other than cycling because it is winter now. Because Jip has some back issues going on he is doing a lot of core stability training, but he is also running, mountainbiking and track cycling. When the weather is getting better he will go on the road again. At this time of the year the cycling he does is mostly focused on endurance, Jip is making at least 4 hr rides. One thing that I know is that that is pretty heavy with this cold, I can do it for two hours in this weather. I notice my body burns a lot more and that my feet are hurting from the cold. At the same time it is really nice, I call it red cheek weather. What I like about what Jip is doing now is that this ride that is taking place in the summer has already started in a way.
Because this Holland is so flat he also goes to other countries for his training, and over here he is making use of the few hills that we have. I sorta envy him in a way, as what he is doing is still theory for me. Jip told me about what is so charming about climbing, that it shows really clear what you can do, how strong you are. Climbing is more a fight with yourself and not as much with the road that goes up. How willing are you to go deep? He also told me that he loves the locations and the views, the nature. And the joy of going down, according to Jip it is enjoying speed and control.

I believe him in that, I believe that it is beautiful and that it is fun to do, that a cyclist gets something out of it. And this is also where I realize that it is very cool what Jip is going to do, but I also see that there is a huge bonus in it for him. It is a very cool challenge and also in doing good there is also always some “getting good”. It feels nice to do something good. For me the writing about Jip and about cancer is giving me joy. I am unable to do what Jip does, as I am not so strong yet, but in my own way I am contributing. Writing about a good cause is way more fun than simply putting some money on a account. I feel part of the cause. What I like is that this action gives cancer a face. Alpe duZes has a face for me, that is Jip who is going to cycle. On the site of Alpe duZes you can find more cyclists and teams, with a little story that tells you why they do it and who they are. That makes it very personal. You can choose your own cyclist and for the true fanatics…. You can go there and watch or better yet, you can volunteer. This is way better for me than just donating money on a bank account, I am part of the action now in my own way, I can contribute more than money and be part of this collective fight against cancer. That is also what I like about reading the motivations of the cyclists who are doing it. They all have their own reason.

Cancer touches everybody’s life, one way or another...

Jip is not unique, I am not unique, my dad is not unique, the clubmember of Jip is not unique, Lance Armstrong is not unique, the guy who told his story is also not unique, my neighbor who just lost her husband, not unique, the parents of a bold little boy in the hospital … also not unique.

I am so grateful that I am allowed to contribute a bit of my life.

To be continued....

Monday, January 25, 2010

Translation

For my friends in the US, the UK, South Africa and New Zealand.
I have decided to translate my latest posts because the topic is one that is too important for me to not share with you. It is a "to be continued" story and today I will post the translations of the first two.


Climbing  the Alpe d’Huez in 53 minutes? Not a problem at all mate, how many times you want me to do it?
Croix du Fer, Telegraph, Glandon, Galibier, Les Deux Alpes, Ballon d’alsace, Grand Ballon, Petit Ballon, Col de Grosse, Col de la Schlucht, Cold de Honeck en de Col du Bramont.
Now what do they have in common? They are all climbs in France.
Passo Campalongo, Passo Pordoi, Passo Sella, Passo Gardena, Colle Santa Lucia, Passo Giau, Passo Falzarego, Passo Valporola. Colle dell’ Agnello, Col de la Lombarde, S’ Anna Di Vinadio,  Colle di Sampeyre, de Colle di Fauniera (AKA Colle dei Morti) en de Madonna del Colletto.
 And these have in common ... They are all in Italy.
So what do these French and Italian climbs have in common then? For starters, that I have not cycled on any one of them yet, I’d like to, but I am scared and I’d love to learn how, before I start such a thing.  Living in Holland it is hard to learn how, this country is as flat as can be.
Unlike most of them, today’s writing is not about me. The above climbs have another thing in common and that is Jip (that is a Dutch name). And next to cycling, Jip and I have something else in common; we both have something with cancer. And that is what I am writing about today.
My conection with cancer is a family bond, my dad is a two time cancer survivor. My dad has always been my best buddy, since I was a little girl. Sure, in puberty my perspective on that was a different one, but if there is one person who can read me, who understands me without words, who knows what makes me tick like no other can, it’s my dad. Oh dear, at the same time he can push my buttons and piss me off and I can do the same with him. We are so alike and can be in these ever going discussions, be in each other’s way and love each other in a way that nobody really understands. If he and I are in our little way my mom calls us: “Mentink and Mentink”, there is no stopping us. My parents live in the South of France.  When my dad had cancer for the first time and he told me, it didn’t really hit home for me. I was busy in my “Amsterdam-life” and it all wasn’t reality for me. The second time he had cancer it was in the bone of his skull, sorta, it was a rare type of cancer. In December 2006, during Christmas, my dad was all alone in the hospital in Paris where they treated him in a specific way. My mom was at home, near Toulouse and I was in Amsterdam. Due to live circumstances and poor personal life choices I was unable to go see my dad. I was so sad because of that, I also experienced a lot of guilt and shame because of it. The idea that my dad was all by himself, still makes me cry almost. At the end of this month my dad will have another check up, he has been having pain at a certain spot lately, I hope it is not cancer again.
Having cancer in the family illustrates that life will end one day. Cancer makes that I understand on a deeper level that my dad will not always be there, his life will come to an end one day. Not only does it show that his life will end it also touches me and my current shape or position. I am Rose, the daughter of Bart, if Bart is gone my status as the daughter of Bart will change. Still what touches me most is that my dad had to go through this alone and what he had to go through while he was sick, while he was fighting the cancer. I would do everything to turn the clock around and be there for him.
Guus van den Anker (a Dutch name) was a member of the same cycling club as Jip and during the ‘90’s Guus got bone marrow cancer. After heavy treatment and recovery it seemed as if Guus had beaten the cancer. Only some years later it came back and Guus died. Jip, a huge fan, got inspired by Lance Armstrong. How Armstrong, after he battled cancer, had enormous successes in cycling (Armstrong won Le Tour de France 7 times) and knew how to get the world’s attention for cancer made that Jip wanted to ride a Livestrong ride in the US. Jip’s cycling club is also riding the “Ride for the Roses”.  Instead of the Livestrong ride Jip is now going to do something else, he is going to have the battle with himself by participating in the “Alpe d’huZes” (Zes is Dutch for six). By climbing the Alpe d’Huez several times on one day, he wants to make the battle against cancer tangible and visible.
The cyclists who are participating in the Alpe d’huZes are collecting money by cycling up that mountain at least 6 times on one day. They collect money by looking for people willing to sponsor them and the money they collect will contribute in the battle against cancer. Jip’s aim is high; he will go up 8 times.
To be continued…

Sunday, January 24, 2010

Met z'n allen die berg op..

Vandaag sprak ik iemand, een Amerikaan die nu voor een bepaalde tijd in Nederland woont. Hij werkt bij een kliniek en helpt verslaafden afkicken. Zijn verhaal was bijzonder voor mij. Jaren geleden was hij zelf een heroine gebruikende junk in de straten van San Francisco en werd gearresteerd. Toen hij vastzat en nog 8 maanden moest zitten kreeg hij te horen dat hij kanker had, dat het al heel ver was en dat hij nog 6 maanden te leven had. Dat was in 1999. Hij heeft zijn leven omgegooid en ervoor gekozen om te gaan leven en zich niet meer te verstoppen met drugsgebruik, daarnaast helpt hij nu in Nederland jonge verslaafden. Hij zegt zelf dat kanker ervoor gezorgd heeft dat hij geconfronteerd werd met zijn vergankelijkheid en dat hij daardoor heeft gekozen om te leven.

Dit herinnerde me aan mijn kleine missie, ik moet verder, want mijn verhaal over de Alpe d'HuZes is nog niet voorbij. Kanker is een rotziekte en toen ik vanavond dit verhaal hoorde was ik verbaasd, niet omdat hij leeft en clean is, maar ik was verbaasd over het feit dat hij kanker had gehad. Voordat mijn vader het kreeg hoorde ik nog bij de groep die dacht “mij overkomt dat niet” nu ik weet dat mijn vader kankerpatient lijkt het alsof mijn visie is vernauwd en ik ergens geloof dat wij, mijn familie de enigen zijn. Twee extremen die beide niet juist zijn en die er beide voor zorgen dat mensen niet verbonden zijn. Mijn eerste gedachte was gebasseerd op angst en ontkenning, mij zou dat nooit gebeuren. De tweede is een gedachte van overleven, een tunnelvisie, mijn gevoelens in mijn leven. Beide zijn niet realistich en niet effectief. De realiteit is dat iedereen op de een of andere manier met kanker te maken heeft of krijgt en dat een realistische kijk hierop ervoor zorgt dat we iemand z’n kanker erkennen en we er kunnen zijn voor elkaar. Kanker is een eenzame ziekte, voor zowel de patient als zijn familie en door de aanwezigheid van deze ziekte te erkennen kunnen we ervoor zorgen dat er meer begrip is en dat die eenzaamheid van de strijd tegen kanker samen gedragen wordt. Ja. Is dat een utopie? Ik hoop het niet.























Jip gaat die berg opfietsen, door dat te doen wordt er geld gedoneerd, Jip moet ervoor zorgen dat hij sponsors krijgt, dat hij hulp krijgt, van ons. Ik heb geen idee hoe zwaar het eigenlijk is om die berg op te fietsen, ik weet wel dat ik er als een berg tegenop zie om het ooit zelf te proberen. Het lijkt me nogal wat. Ook weet ik dat er van te voren getraind moet worden, want zo’n berg een aantal keer op en af is niet niets. Jip is nu al bezig met alles wat hij aan sporten kan doen, zodat hij zijn conditie goed houdt. In de winter wordt er minder gefietst en daarbij heeft Jip last van een slepende rugblessure. Daarom doet hij nu veel core stability oefeningen, dat is je buik en je rug, en hij is veel bezig met hardlopen, mountainbiken, wielrennen en baanwielrennen. Als het weer beter is gaat hij weer buiten fietsen. Dat buitenfietsen is in de maanden januari, februari en maart voornamelijk gericht op zijn uithoudings vermogen en hij maakt in iedergeval ritten van vier uur. Wat ik weet is dat met het huidige weer, met de kou, het best zwaar is, ik houd het niet langer dan twee uur vol. Ik merk dat mijn lichaam veel meer vrebrand en na een uur zijn mijn tenen pijnlijk van de kou. Maar fietsen in de kou is ook erg lekker, ik noem het rode wangen weer. Ik vind het wel mooi hoe die strijd die Jip wil gaan leveren op die berg nu al begonnen is.
Omdat Nederland zo vlak is gaat Jip ook naar het buitenland om te trainen voor het klimmen, hier in Nederland maakt hij gebruik van de wat meer heuvelachtige gebieden. Eigenlijk benijd ik hem wel een beetje, voor mij is het allemaal nog theorie. Jip vertelde me dat de charme van het klimmen erin zit dat het zonder enige nuance laat zien wat je kunt. Dat klimmen een strijd met jezelf is, dat het niet zozeer die weg is die omhoog gaat, maar meer jouw eigen bereidheid om af te zien en om door te gaan. Hij vertelde me ook over prachtige locaties en uitzichten, de natuur. En het grote genot van de afdaling is er ook nog. Volgens Jip kan je, je dan uitleven en genieten van snelheid en controle.

Ik geloof wel dat het mooi is en dat er plezier in zit en dat een fietser er iets uithaalt. Ik kan wel heel heftige taal gaan gebruiken en zijn deelname aan de Alpe d'HuZes als heldhaftig beschrijven, maar ik moet niet vergeten dat het ook een mooie uitdaging is. In iets goeds doen voor een goed doel zit altijd wel een bonus. Het voelt fijn om iets goeds te doen. Voor mij is het schrijven over Jip en over kanker ook iets wat mij voldoening brengt. Ik kan nog niet wat Jip doet en op deze manier draag ik iets bij. Ik ervaar het als leuker dan alleen wat geld overmaken op een rekening nummer. Ik voel me betrokken. Door deze aktie krijgt kanker voor mij een gezicht. De Alpe d'HuZes aktie heeft voor mij ook een gezicht, dat is nu Jip die het gaat doen. Op de site staan meerdere teams en fietsers met een verhaaltje over wie ze zijn, waarom ze het doen etc. Dat maakt het heel persoonlijk. Iedereen kan zijn eigen sporter kiezen en voor de echte fanaten is het ook een evenement om naartoe te gaan. Het is zelfs mogelijk om als vrijwiliger aan de slag te gaan bij dit evenement. Voor mij is iets als dit veel gaver dan een collecte bus, ik kan bijdragen en deel uitmaken van de strijd tegen kanker. Ik vind het gaaf de motivaties van deelnemers te lezen.
Kanker raakt iedereen wel een keer, op welke manier dan ook...
Jip is niet uniek, ik ben niet uniek, mijn vader is niet uniek, de clubgenoot van Jip niet, Lance Armstrong niet, die man die ik vanavond sprak niet, mijn buurvrouw die net weduwe geworden is niet, de ouders van een kaal jongetje in het ziekenhuis niet...
Ik ben blij en dankbaar dat ik ook mijn steentje mag bijdragen.
To be continued....